donderdag 19 maart 2015

Wij Overdrijven Niet


Ik overdrijf niet. Ja, ik meen het echt. Neen, ik heb de avances van die man helemaal niet verkeerd begrepen. Wat ik aanhad? Doet dat er dan toe? Och, whatever.

Ik hoor het me nog meermaals uitleggen tegen andere mensen, die koppig weigerden om mij te geloven. Het zal wel weer aan mij hebben gelegen… Doemme Lotte, waarom draag je nu ook een zomerkleedje wanneer het 26°C is buiten? Je wéét toch dat je jongens en mannen er een verkeerde boodschap mee kan geven!

Naar aanleiding van een oproep van Yasmine Schillebeeckx, die al enkele zeer sterke blogs hieromtrent heeft geschreven, wil ik mijn ervaringen met cat-calling, street harassment, ongepast seksueel gedrag en seksisme graag delen. Ik gok dat er velen zullen zijn die zuchtend hun schouders ophalen, wegklikken en verder gaan met waar ze ook mee bezig waren, maar ik hoop dat mijn boodschap toch enkele luisterende en begripvolle oren kan bereiken.

Ik was 10 jaar oud en speelde met de andere kinderen. Op een jaarlijks voetbalevenement was ik druk bezig met me te amuseren in het springkasteel, op de paardenmolen, met touwtjetrek,… Een jongen van een jaar of 16 sprak me aan en wist me weg te lokken van het springkasteel. We zaten aan de rand van het veld op een stoel en babbelden over onnozele dingen. Hij vroeg me of ik daar vaak was, of ik zelf voetbalde, waar ik woonde,… Ik was amper 10 jaar oud en antwoordde zonder er al te veel over na te denken. Na een tijdje werd de jongen handtastelijk. Eerst porde hij me in m’n zij met een brede glimlach op z’n gezicht. Dat vond ik niet zo erg, dat deden mijn klasgenoten ook weleens om me te plagen. Voor ik het goed en wel besefte porde hij tussen mijn benen. Ik lachte het eerst weg, maar na de derde keer voelde ik me niet meer op mijn gemak. Ik ben terug naar het springkasteel gegaan en heb er nog nooit tegen iemand een woord over gerept. Mijn buikgevoel vertelde me dat wat die jongen deed niet echt mocht, maar jaren later besefte ik pas hoe fout het eigenlijk was en was ik kwaad op mezelf omdat ik er niets van tegen mijn mama had gezegd. Maar ja, ik was 10… Toen lag ik er niet wakker van, nu des te meer.

Ik was 14 en was met m’n fiets op weg naar mijn vriendin. Het was ongeveer een dikke vijf minuten fietsen, en de zomerzon scheen vrolijk op mijn gezicht. Halverwege reed een auto me traag voorbij. Even verderop stopte hij. Ik was meteen op m’n hoede maar had me voorgenomen om verder te fietsen en te doen alsof er niets aan de hand was. Ik kon het echter toch niet laten om te kijken wie er in de wagen zat, en ik keek recht in de ogen van een veertiger met een brede grijns op z’n gezicht. Een knipoog. Meteen draaide ik m’n hoofd weer om, de auto kwam terug in beweging. Even verderop stopte hij weer, maar hij wist toen niet dat mijn vriendin in het huis ervoor woonde. Met een hart dat bonkte in m’n keel reed ik de oprit op. Ik keek achterom en zag hoe de wagen met gierende banden vertrok. Mijn vriendin had het ook al meegemaakt.

Ik was 15 en veranderde van school. De school – een technische – stond/staat voornamelijk bekend als een jongensschool. Ik ben ooit de meisjes beginnen te tellen op de speelplaats, maar ik kwam toen niet verder dan 15 (van de 700 à 800 leerlingen). Mijn moeder was een beetje sceptisch en had haar twijfels over mijn schoolkeuze, maar ik verzekerde haar dat er geen rare dingen zouden gebeuren. Ik was naïef.
Het begon al tijdens de eerste schooldag. Ik werd aangestaard alsof ik een stuk vlees in de vitrine van een slager was. Al die keurende blikken bezorgden me kippenvel, en ik was enorm opgelucht toen ik in de klas zat. Over de speeltijden had ik toen nog niet eens nagedacht. ‘Ohjo, dikke tieten!’ ‘Mag ik u neuken?’ ‘Lekker wijf!’ Het is slechts een greep uit de vele beledigingen. Mag ik het eigenlijk een belediging noemen als ik me beledigd voel, maar anderen het wegwuiven?

Ik was 16 en stond aan mijn locker op school. Iedereen ging naar huis, ik moest nog enkele boeken uit mijn locker halen. Een jongen uit mijn jaar en richting die z’n oog op me had laten vallen en nogal opdringerig was, duwde me plots tegen de muur. Ik duwde hem weg, maar hij klemde me vast en was met zijn gezicht op amper vijf centimeter van dat van mij verwijderd. ‘Het is maar om te spelen.’ Een klasgenoot van mij schopte tegen de rugzak van de jongen in de hoop dat hij me gerust zou laten, maar een leerkracht die net passeerde had alles gezien. We kregen alle drie ‘straf’ en moesten naar de leerlingenbegeleiding. Onze straf was een vragenlijst invullen: ‘Wat heb je fout gedaan? Hoe voel je je nu je terugkijkt op je foute gedrag? Wat kan je er aan doen om zulk gedrag in de toekomst te vermijden?’ Ik las de vragen met open mond. Ik werd tegen mijn wil in tegen de muur geduwd door een jongen die veel sterker was dan ik, een klasgenoot wou hem doen stoppen en we moesten allemaal straf schrijven. Mijn moeder en broer waren razend toen ik ermee thuis kwam. Ik heb het gewoon ingevuld, maar heb mijn ongenoegen in de antwoorden laten blijken. Er is verder niets mee gedaan. Dat mocht blijkbaar.

Ik was 17 en wandelde met klasgenoten naar de volgende les. Wij moesten een trap op, een hele hoop andere leerlingen ging naar beneden. In het naar boven gaan greep één van de jongens die me links passeerde mijn borst stevig vast, waarna hij zijn hand langs mijn buik naar beneden liet glijden. Gelach, gejuich, gejoel. Ik was te geschokt om meteen te reageren. Meestal reageer ik erg snel, maar ik was door dat voorval zo van m’n melk dat ik niets kon zeggen. Mijn klasgenoten waren razend en wouden hem achterna gaan, maar ik heb hen tegengehouden. Met mijn verhaal ben ik naar de leerlingenbegeleiding gegaan. Om daar te geraken moest ik de handtastelijke jongen en zijn vrienden passeren. Weer gelach en gejoel, want hun maat had mijn borst aangeraakt! Hahaha! De leerlingenbegeleidster regelde een gesprek met mij en de jongen. Hij moest zijn verontschuldigingen aanbieden. Van toen af aan beloofde de jongen om me voor andere jongens te beschermen. ‘Ik zweer het, ik laat niemand u aanraken.’ Magere troost. Hij had eerst mijn borst moeten grijpen en met mij in gesprek moeten gaan vooraleer hij tot het besef kwam dat je zoiets niet doet, en dan nog denk ik dat het weinig uithaalde. De boodschap was niet aangekomen, maar hij hield zich koest tegenover mij en dat was toch al iets.

Ik was 18 en stond op de speelplaats met mijn klasgenoten. De bel ging, en we gingen terug naar de rij. Een jongen vroeg op een machotoon en met een scheve grijns of hij eens aan mijn ‘mossel’ mocht komen. Ik had geleerd uit mijn vorige fouten, draaide me meteen om en antwoordde koel op zijn ‘vraag’. De jongen liet zich daar niet door van de wijs brengen en ging verder, tot mijn klasgenoot ingreep en zei dat hij z’n mond moest houden. Zo sprak je niet tegen meisjes. De jongen dreigde dat hij mijn klasgenoot na school in elkaar zou slagen, samen met enkele vrienden. Gelukkig kwam het niet tot een gevecht, maar ik ben toch onder begeleiding naar buiten gegaan.

Ik was 18 en stond op de speelplaats. In het voorbijgaan greep een jongen, die in een grote groep liep, naar mijn billen. Ik heb nooit geweten wie het was.

Ik was 19 en liep op de Bruul in Mechelen. Enkele jongeren riepen naar mij. ‘Helaba, schoon madam. Schoon tetten!’ Gefluit en gelach. Nog meer voze opmerkingen. Ik draaide me om, moest mijn best doen om niet in woede uit te barsten en vroeg hen hoe ze het zouden vinden als vreemden zo tegen hun vriendin, moeder of zus zouden praten. De sfeer sloeg meteen helemaal om. Ze werden kwaad en achtervolgden me een hele tijd. Toen ik me omdraaide spuwden ze vlak voor mijn voeten en was ik een lelijke hoer.

Ik was 20 en kreeg de taak om af te wassen terwijl de jongens rustig pintjes gingen drinken. Mijn protest werd op gelach onthaald. ‘Da’s een vrouwentaak, he!’ Ik ben weggegaan.

Dit is slechts een greep uit alle dingen die ooit zijn gebeurd, maar deze staan toch wel het meest in mijn geheugen gegrift.

Ik ben intussen een jonge vrouw van bijna 25, en ik krijg nog vaak van die typische opmerkingen over me heen:
-          Wanneer ik slechtgezind ben: ‘Amai, ge hebt uw regels zeker?’ Neen, een mens kan soms zonder enige aanleiding slechtgezind zijn. Mag het?
-          Wanneer er iets geordend moet worden: ‘Doet gij dat maar, want gij zijt een meisje en veel ordelijker dan die jongen.’ Ik verlies constant spullen in mijn kamer, mijn bureau is een stort,… En toch vraag je dat aan mij? Je trekt meteen de competenties van die jongen in twijfel, puur omdat hij van het mannelijk geslacht is en niet ordelijk zou kunnen zijn?
-          Wanneer ik antwoord op een persoonlijkere ja-nee vraag: ‘Ja maar, wat wilt ge nu eigenlijk zeggen? Want vrouwen met hun logica…’ Neen, ik heb soms écht niet de behoefte om over mijn problemen te praten.
-         

Ik kan de vieze blikken van ‘afgewezen’ mannen niet meer tellen. Ik vind het geen compliment om op straat ‘mooie tieten!’, ‘ferme snoet’ of ‘lach ne keer, dan zijt ge veel mooier’ naar mijn hoofd geslingerd te krijgen.

Al bij al ben ik blij, want ik ken meisjes en vrouwen die nog ergere dingen hebben meegemaakt. Toch hebben deze voorvallen er voor gezorgd dat ik enorm onzeker rondliep op straat, geen kleedjes of hakken durfde aandoen voor een heel lange tijd. Nu pas, nu ik bijna 25 ben en amper nog buitenkom, nu pas durf ik het aan. Ik ben nog steeds op m’n hoede wanneer ik eens door de stad loop. Zie ik een auto bij mij in de buurt stoppen, dan ben ik op m’n hoede. Staart een man me iets te lang aan, dan ben ik op m’n hoede. De onzekerheid is nog niet weg, en ik vrees dat die ook niet snel zal weggaan.

Er was een tijd dat ik er van overtuigd was dat ik van zo’n dingen gespaard zou blijven. Ik was aan de mollige kant, ze vonden me lelijk en dik, ze zeiden dat ik nooit een lief zou hebben… Ik zat safe! Dit was enkel voorbehouden voor mooie meisjes.
Niets was minder waar. Ik schrok enorm toen ik voor het eerst geconfronteerd werd met een fluitende bouwvakker die het nodig vond om ook nog een opmerking over mijn benen te maken. Ik schaamde me rot toen en ben met een knalrode kop verder naar school gefietst.

Ik begrijp de mannen en vrouwen niet die dit allemaal niet serieus nemen. Het wordt veel te vaak weggelachen, en de schuld wordt veel te vaak bij de vrouw of het meisje gelegd. Enkele maanden geleden kreeg ik de opmerking van een andere vrouw dat ik blij mocht zijn dat mannen me zo’n complimenten gaven. Een halfuur lang heb ik haar proberen uit te leggen wat het echte probleem was, maar het mocht niet baten. ‘Vrouwen zijn zaagwijven. ’t Is nooit goed.’ Het voorval waarbij een leerling mijn borst greep, dat kwam gewoon doordat het een puber was die zijn hormonen niet in bedwang kon houden. Euh… Oké.

Ik wil ook nog even benadrukken dat ik absoluut niet van de overtuiging ben dat alle jongens en mannen zo zijn, integendeel.
Het is fijn om complimenten te krijgen, zolang je ze op een deftige manier krijgt. Een jongen stapte ooit op me af, en zei me dat ik een hele leuke uitstraling had. Dat kan je in de verste verte niet vergelijken met iemand die in het passeren of aan de overkant van de straat 'amai, gij zijt een ferm wijf!' roept. Iemand die het trouwens oprecht goed bedoelt, zou in mijn ogen een persoon helemaal niet op zo'n manier aanspreken.

Het doet eerlijk gezegd deugd om dit eens van me af te schrijven, en ik hoop dat meer meisjes en vrouwen dat doen. Schrijf het van je af, hoe hard anderen je ook proberen wijs te maken dat je er gewoon over moet zetten of er geen drama van moet maken. Dààr ligt het probleem, niet bij ons. Wij overdrijven écht niet.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten